click here for the english version of this website u bekijkt nu de nederlandse versie van deze website klik hier om het originele lettertype te kiezen klik hier om een groter lettertype te kiezen klik hier om het grootste lettertype te kiezen

Blog


1

Geplaatst op: 03-09-2020
Geschreven door: Bas Turpijn

Een tweede (verkeerskundige) lente?

Inmiddels zijn de zomervakanties overal voorbij en zijn we in de meteorologische herfst beland. De temperaturen zijn begin september nog lenteachtig. Hoe zou het inmiddels op de weg zijn, nu de vakanties weer voorbij zijn? Zien we de ingezette patronen uit de lente weer terug met een evenwichtigere spreiding van het verkeer over de dag of keert de oude september drukte weer terug?

 

Hoewel we de datablog reeks over de effecten van de Corona-crisis op het verkeer reeds hadden afgesloten met een kwartaalrapportage, is de Corona-crisis nog allerminst voorbij. Daarom steken we toch weer even de thermometer in het verkeer in deze eerste week na de vakanties. En dat doen we door weer naar de automobiliteit, vrachtverkeer en fietsmobiliteit te kijken over de afgelopen maand en de eerste dinsdag van september.  

Automobiliteit
Figuur 1 hebben we in de datablogreeks regelmatig voorbij laten komen en is bijgewerkt tot september. Sinds onze laatste Corona-datablog begin juli, zien we wel de nodige fluctuatie in de verkeersdrukte – gemeten in indices t.o.v. de eerste week van maart. Toch lijkt op dit moment wel een zekere stabilisatie waar te nemen, welke overeenkomt met de periode vlak voor de zomervakanties.
 


De tabellen 1 en 2, waar we de verkeersindices per provincie uiteen hebben gezet, bevestigen dit. De verkeersdrukte zit net iets onder de ‘normale’ waarden van begin maart net voor de Coronacrisis losbarstte. In de lente zagen we nog dat de regionale verschillen vrij groot waren: nu in het begin van de herfst zien we dat de verschillen een stuk kleiner zijn geworden. In enkele provincies is het drukker dan normaal, namelijk Groningen, Flevoland en Zeeland.

 



De kaart met absolute verschillen in etmaalintensiteiten tussen heden en referentie toont de regionale verschillen op het netwerk (zie figuur 3). De grootste verschillen zijn zichtbaar op de A2 tussen Amsterdam en Utrecht, hetgeen ook één van de drukte routes in het land is.
 


Figuur 3 laat het verloop van de genoemde verkeersindex over de dag heen zien. De vraaguitval was (en is) dus niet gelijkmatig verspreid over de dag: in de spitsperioden zien we nog altijd de grootste vraaguitval. In de eerste weken na de beperkende maatregelen, namen we een halvering van het spitsverkeer waar. Inmiddels is de vraaguitval in de spitsen ca. 15% t.o.v. begin maart, net als eind lente.  
Figuur 3 toont een gestage verkeerstoename over de maanden, waarin duidelijk wordt dat het verkeer in de restdag een stuk sneller herstelt dan het spitsverkeer. Wel lijkt de curve sinds eind lente zich te stabiliseren. Zou dit het verkeerspatroon zijn in het ‘nieuwe normaal’?  

 

In de vorige datablog hebben we ook gekeken welke regio’s het meest populair waren deze zomer, als we kijken naar verkeersbewegingen van/naar de regio via de snelwegen. Deze zogenaamde verkeersproductie- en attractie hebben we ook voor de maand augustus bepaald. Vorige keer verwachtten we dat de kuststreken en andere waterrijke gebieden erg in trek zouden zijn, aangezien we toen aan het begin van de langste hittegolf ooit stonden. Figuur 4 laat zien dat over heel augustus de waterrijke regio’s in het noorden en westen inderdaad meer verkeer hebben aangetrokken t.o.v. augustus vorig jaar. De verkeersproductie- en attractie van/naar de Zeeuwse kust was vergelijkbaar met vorig jaar augustus. Daarnaast valt ook op – net als in juli – dat het oosten van het land ook in trek was in augustus.
 


Internationaal verkeer is ook weer als vanouds (figuur 5), hoewel het verkeer van/naar België laatste weken weer een dipje vertoont. Mogelijk komt dit door de aangescherpte maatregelen in de regio Antwerpen.
 

 

 

Vrachtverkeer
Figuur 6 toont de ontwikkelingen in het vrachtverkeer. In de zomer zagen een aanmerkelijk lagere vraag dan begin maart, hetgeen we ook vorig jaar zagen. Inmiddels is deze vraag weer een beetje bijgetrokken, maar is nog altijd lager dan onze referentieperiode, begin maart. Vorig jaar waren de volumes wel vergelijkbaar met de referentie: een mogelijk teken dat de vrachtverkeersvraag wat achter blijft.
 


De tabellen 3 en 4 tonen de indices per provincie. De terugval zien we terug in vrijwel iedere provincie, waarbij de regionale verschillen opvallen. In de noordelijke provincies is deze vraaguitval het kleinst.

 



Fietsmobiliteit
Figuur 7 toont de ontwikkelingen van het fietsverkeer, alsmede ook enkele relevante weerskenmerken, zoals windsnelheden, zonneschijn en neerslag in de regio Rijnmond over het afgelopen half jaar. Dan zien we inderdaad een gestage toename van het fietsverkeer sinds de Corona maatregelen, maar dat zal ook te maken hebben met seizoensinvloeden: afgelopen lente en zomer was er minder harde wind en aanzienlijk meer zonneschijn dan begin maart.
 


De figuren 8 en 9 lichten zon- en donderdagen over de laatste weken nader uit.





Conclusie
Op basis van de verkeersgegevens kunnen we het volgende stellen:

  • In de eerste week van september zien we dat de verkeersdrukte vergelijkbaar is met de laatste lenteweken, vlak voordat de zomervakanties begonnen. De vraaguitval lijkt inmiddels ook redelijk stabiel: ca. -5% t.o.v. begin maart;
  • Verder valt op dat de regionale verschillen kleiner zijn geworden vergeleken met de periode vlak voor de zomervakanties;
  • De verdeling over de dag is ook min of meer hetzelfde als vlak voor de zomervakanties. Dat betekent dat de vraaguitval in de spitsen nog altijd relatief hoog is: ca. -15% t.o.v. begin maart. Mogelijk stabiliseert het spitsverkeer zich rond deze waarden in het ‘nieuwe normaal’;  
  • In de maand juli waren de regio’s in het oosten van Nederland relatief meer in trek, in de maand augustus waren de waterrijke gebieden in het noorden en westen populair: de verkeersbewegingen van en naar deze gebieden waren relatief hoger dan vorig jaar. In de rest van het land waren die gelijk of minder vergeleken met juli 2019;
  • Het verkeer van en naar de buurlanden is qua omvang min of meer gelijk als in de periode vlak voor de beperkende maatregelen, ofschoon het verkeer van/naar België afgelopen week lichtelijk is gezakt. Mogelijk houdt dit verband met strengere reismaatregelen in de regio Antwerpen;
  • Het vrachtverkeer laat een daling zien t.o.v. de periode vlak voor de zomervakanties. T.o.v. de referentie begin maart ligt vrachtverkeersvraag ca. 8% lager;
  • Het fietsverkeer fluctueert sterk: sinds de beperkende maatregelen volgen de fietspatronen duidelijk de weerspatronen;
  • Bij mooi weer (veel zonuren, weinig neerslag) zien we beduidend meer fietsverkeer dan normaal, bij slecht weer loopt dit wat terug.
     
Home Blogs Een tweede (verkeerskundige) lente?
line